Calendar

<< September 2018 >> 
 ma  di  wo  do  vr  za  zo 
       1  2
  3  4  5  6  7  8  9
10111213141516
17181920212223
24252627282930

heaven-painting-wat-bkk-20090109-114816-2-wvde-600p

SAMENVATTING:

Vele religies en levensbeschouwingen kennen een hemel in een of andere vorm. Het is een aangename, paradijselijke plaats of toestand waar sommigen terecht kunnen komen na de dood.

Een boeddhistische hemel is, anders dan bij de andere hemelen, geen eeuwigdurende maar een tijdelijke situatie, zelfs voor de goden die er verblijven.

De teksten beschrijven een zeer complex systeem van werelden met vele hemelen en hellen gebaseerd op de  antieke visies over het universum.

In een moderne benadering kunnen we ons beperken tot het inzicht dat de hemel en de hel deel uitmaken van ons dagelijks leven. Bovendien zegt de Boeddha (Dhammapada XIII nr. 178):

Beter dan naar de hemel te gaan, beter dan heerschappij over de aarde en het 
ganse universum, is de vrucht van de eerste stappen in "heilighe
id" (sotapatti).


LEES MEER:


] SAMSARA EN NIBBANA

De theravada boeddhistische kosmologie (kennis over het universum), beschrijft in diverse suttas (boeddhistische teksten) een bijzonder complex geheel van 31 niveaus (plaatsen, toestanden) van bestaan in de samsara (cyclus of stroom van wedergeboorten).


Die niveaus kunnen worden ingedeeld in drie werelden of sferen (Dhatu; of Loka = wereld): Rupadhatu, de Wereld van de Vormen of de Materiële Wereld, Arupadhatu, de Vormloze of de Immateriële Wereld  en Kamadhatu, de Wereld van Verlangens of de Zintuiglijke Wereld.


In de Kamadhatu vinden we vijf rijken (Gati): het mensenrijk (Manyusagati), het dierenrijk; het hemelrijk of het rijk van de goddelijke wezen (Devagati), het demonenrijk of de hel en het geestenrijk.


Men komt terecht in de een bepaald bestaansniveau van de samsara als gevolg van zijn vorige daden (kamma). Het ultieme levensdoel is te ontsnappen uit de samsara door nibbana wat alleen mogelijk is in de wereld van de mens, manyusagati.

[Opmerking:    de in vele boeddhistische teksten en vertalingen gebruikte terminologie over de hemel(en) kan minstens verwarrend genoemd worden.   ]
[Begrippen als wereld, rijk, sfeer, regio, vlak, pad, plaats, niveau, domein (Engels: realms, worlds, levels, places, planes,...) worden door elkaar gebruikt.]


] DE HEMEL EN HEMELSE WEZENS

heaven-painting-wat-bkk-20090109-114816-4-wvde-450p

Een belangrijk verschilpunt met de opvattingen in godsdiensten over hemel en hel is dat die voor het boeddhisme maar tijdelijke en geen eeuwigdurende toestanden zijn.

De hemelse wezens, die we goden of goddelijke wezens (devas) noemen zijn bijgevolg ook tijdelijk en ze beantwoorden niet aan het begrip God, zoals in de scheppende god van vele religies.

De namen van de hindoegoden Brahma en Sakka (Indra) zijn prominent aanwezig in vele teksten.

Belangrijke hemelen zijn de Tusita en Tavatimsa. In Tusita bevondt zich de Boddhisatta Setaketu vooralier hij als de (historische) Boeddha wedergeboren werd. De Boddhisatta Natha verblijft er tot hij als de Toekomstige Boeddha, Metteya, zal wedergeboren worden. 

Tavatimsa is de plaats waar Sakka, de Koning van de Goden zich bevindt. Het bezoek van de Boeddha aan zijn moeder Mayadevi die in Tavatimsa wedergeboren werd, speelt een rol tijdens het Tak Bat Devorohana Festival. 


] HET GODDELIJKE OOG

Het kosmologisch beeld hierboven kan niet gelden als letterlijke beschrijving van de kosmos. De astronomische kennis van de Indiërs in die tijd was immers gevorderd en zeer verschillend van wat de kosmologie aangeeft.

De plaatsen (werelden, sferen enz.) kunnen alleen waargenomen worden met het ‘goddelijke oog’ of dibbacakkhu zoals een Boeddha of Arhat kan bezitten.

Daarom wordt het boeddhistische beeld wel eens gezien  als een allegorische of symbolische benadering. De werelden zijn zowel plaatsen als mentale toestanden.


] VISIE

In zijn geschriften, gepubliceerd in 2008, analyseert de Somdet Phra Nyanasamvara, Z.H. de opper Patriarch van de Thaise Sangha, het concept van hemel en hel in theravada.

Hij verklaart dat de begrippen hemel en hel geen boeddhistische leer zijn maar een oude opvatting over geografie. Het was een populair geloof dat werd opgenomen in de Canon. De latere commentaren erover staan ver van de originele boeddhistische leer.

Hemel en hemel en hel moeten beschouwd worden als symbolische aspecten van de geest en spiritualiteit. Men kan zich hier in dit leven al in de hemel of de hel bevinden.


FaLang translation system by Faboba