Calendar

<< September 2018 >> 
 ma  di  wo  do  vr  za  zo 
       1  2
  3  4  5  6  7  8  9
10111213141516
17181920212223
24252627282930

Kamma   (Pali; Sanskrit: Karma)

Kamma of de wet van oorzaak en gevolg is een eenvoudig begrip dat dikwijls verkeerd begrepen wordt. Kamma heeft niets te maken met het lot of voorbestemming. Onrechtvaardigheid, geluk, ongeluk zijn begrippen die het boeddhisme vreemd zijn. Wat ons overkomt, is nooit toevallig, maar het resultaat van wat we in dit leven of vorige levens gedaan hebben. De wet van oorzaak en gevolg heerst in het hele universum.


Lees meer :

Al onze handelingen zullen onvermijdelijk effecten hebben die zich afhankelijk van de situatie zullen manifesteren in een nabije, minder nabije of een zeer verre toekomst. De algemene taalkundige betekenis van kamma is ' actie ' of ' daad '. Dit zijn al onze gedachten, woorden of handelingen. Hieruit volgt dat we aan al onze gedachten, woorden of handelingen belang moeten hechten want ze hebben allemaal gevolgen : positieve gevolgen, neutrale gevolgen of negatieve gevolgen. Als er geen intentie is of als er sprake is van onbewust of ongewild handelen dan zijn er ook geen gevolgen. Als ik per ongeluk op een mier trap is ze dood. Technisch gezien is dit een negatieve daad. Er was echter geen intentie om te doden. De daad blijft zonder gevolgen. Intentie is dus de meeste bepalende factor bij het bepalen van kamma.

Een eikel zal uitgroeien tot een eik, nooit tot een beuk. Toch wordt dit ook beïnvloed door een groot aantal andere factoren. Dit is het externe kamma. De aard van de grond waarop de eikel gevallen is, de hoeveelheid regen, de zon, enzovoort. Een sterke eikel die platgetrapt wordt door een wandelaar zal nooit een eik worden. Een zwakke eikel van een zwakke boom kan uitgroeien tot een sterke eik en uitstekende vruchten geven. Voorwaarde is natuurlijk dat de omstandigheden waarin hij terechtkwam optimaal zijn. Het externe kamma compenseert in dat geval het minder goede interne kamma. Het omgekeerde is natuurlijk ook waar. Deze metafoor geldt voor alle levende wezens en in het bijzonder voor de mens. In alle gevallen zal een hoofdoorzaak ( intern kamma ) steeds gepaard gaan met andere factoren ( extern kamma ). Sommige factoren zullen de effecten versterken vanuit harmonie, andere zullen daarentegen tegenwerken.

De mens maakt op elk moment zijn eigen kamma. Hij kan echter nooit tussenkomen in het wordingsproces en in de interferenties met extern kamma. De mens bepaalt zijn eigen lot, maar er is geen totale vrije wil. De omstandigheden waarin we geboren worden en de kwaliteit ervan hangen af van ons kamma. De manier waarop we reageren vanuit datzelfde kamma en omstandigheden en de manier waarop we beïnvloed worden door externe gebeurtenissen, hangt altijd af van ons persoonlijk kamma. Onze vrije wil is objectief beperkt. Dit doet echter niets af van onze verantwoordelijkheid. Als we niet tevreden zijn met de kwaliteit en omstandigheden van ons huidige leven, kunnen we dat alleen maar aan onszelf wijten.

Kamma en wedergeboorte.  (zie ook: Wedergeboorte)

De morele waarde van alle handelingen in de loop van één bestaan, kamma, bepaalt de omstandigheden van de wedergeboorte die volgt. Het wiel van het bestaan – geboorte, ontwikkeling, ouderdom, ziekte, dood – is cyclisch en oneindig. We noemen dit " samsara ". Zolang we de Verlichting niet bereiken, blijven we gevangen in samsara. Het leven zit vol verwachtingen en ontgoochelingen, vreugde en verdriet, winst en verlies, hoop en angst. Liefde zet zich om in bezitsdrang en jaloezie. Passie ruimt plaats voor eeuwige onvoldaanheid. We hebben de neiging om in dezelfde gedragingen te hervallen. We begaan voortdurend dezelfde vergissingen, we houden dezelfde illusies in stand. De mensheid in zijn geheel is geen stap verder dan pakweg 3.000  jaar geleden. Er is nog altijd " brood en spelen ",  oorlog en geweld alom. We hebben veel technische middelen en veel academische kennis. Ons gedrag en onze geest blijven echter grof en primitief. Toch hechten we ons krampachtig vast aan dat weinig bevredigende bestaan.

Samsara is echter geen plaats, maar een toestand. Deze toestand situeert zich niet in de ruimte maar in onze eigen geest. Gelijke omstandigheden worden door verschillende mensen als onaangenaam, ondraaglijk, aangenaam, leuk, prettig, onverschillig, enzovoort beleefd. Een sadist beleefd dezelfde omstandigheden anders dan een filantroop.
Een boeddhist is er zich van bewust dat het niet goed met hem gaat, en evenmin met de wereld zolang wij onze kijk op de dingen niet veranderen. Gelukkig is er een oplossing voor het lijden. De Leer van de Boeddha toont ons de weg.

Geen mens handelt altijd goed of altijd slecht. Het is de gemiddelde waarde van de handelingen die we opbouwen – positieve en negatieve – die de voorwaarden en omstandigheden van de volgende wedergeboorte zullen bepalen. Haalt het positieve kamma de bovenhand, dan zal de wedergeboorte positief zijn en omgekeerd.

Hoe meer we geestelijk vorderen, hoe groter de kans dat we als mens herboren worden. Mensen kunnen de Verlichting bereiken en ontsnappen dan definitief aan samsara. Wie als mens geboren wordt krijgt niet zijn totale persoonlijkheid als individu terug. Het ' individu ' heeft niets wat ondeelbaar is : het is slechts een tijdelijke hergroepering van de 5 bestanddelen waaruit het bestaat en die verhuizen bij de wedergeboorte niet samen. De 5 bestanddelen zijn : lichaam, gevoelens, perceptie, intenties en bewustzijn.

Wat herboren wordt, vloeit voort uit wat bestond in een vorig leven, maar het verschilt er grondig van.

FaLang translation system by Faboba